Nieuws

Menu

Als het moeilijk wordt moet je bij Bouman zijn

ALMELO - Slechts weinig mensen die een hap kleurige M&M’s nemen, zullen beseffen dat de nootjes zijn gebakken met apparatuur van Bouman Industries in Almelo. Een hightechmachinefabriek waar ze bijzondere dingen maken.

Die nootjes worden gebakken in grote roestvrijstalen bakstraten. Ze worden gemaakt in Almelo en staan op verschillende plekken in de wereld. Zoals ook de speciale metalen onderdelen voor ct-scanners van Phillips door Almelose handen en machines zijn gegaan. Zoals directeur Wilco van Wijck het zegt: „Als het moeilijk wordt, moet je bij Bouman zijn.”  

1950

Bouman Industries zit aan de Van den Broekeweg. Het bedrijf begon in 1950 als machinefabriek in het centrum, opgericht door Johannes Bouman. Eerst voor de textiel, later voor de baggerindustrie en inmiddels ook voor de sectoren milieu, luchtvaart/defensie, medisch, levensmiddelen en elektronica. Zowel in de breedte als in de diepte staat Bouman zijn mannetje. In Almelo werken zo’n honderd mensen, bij de nevenvestiging in Veendam, nog eens een man of dertig.

Vele markten

In Veendam maken ze apparatuur voor de zetmeelindustrie. Voor lokaal gebruik maar vooral voor de afnemers in verre landen. Want ook daar worden nootjes gebakken, zoutjes en chips gemaakt, van bijvoorbeeld casave. Op Sumatra in Indonesië wordt momenteel een grote fabriek gebouwd. Maar ook in het Midden-Oosten is Bouman actief. Zoals in Jordanië waar het vooral draait om het zuiveren, en zo terugwinnen van water. Water dat daar schaars is.

Zo zit Bouman in vele markten. De lijst bedrijven waarvoor het Almelose bedrijf werkt is indrukwekkend lang en vermeldt namen als die van Akzo-Nobel, Thales, Abott, Phillips, Heineken, VDL en Urenco. Met chipsmachinebouwer ASML is Bouman betrokken bij de bouw van een nieuwe machine. Dat is vooral de hightechkant van de zaak.

Om vooraan in de markt mee te kunnen doen zijn er bijzondere machines nodig. Hij wijst op de DMC 210FD , een vijfassige draai- en freesmachine waar kenners de vingers bij aflikken. Het is een enorm computergestuurd ding waarmee producten tot meer dan 2 meter doorsnee bewerkt kunnen worden. Bouman was het eerste bedrijf in Nederland dat de miljoenen kostende machine in huis kreeg.

Ontwikkelen

Het bedrijf produceert niet alleen voor anderen. Toen de crisis toesloeg, besloot het ook zelf producten te gaan ontwikkelen. Het was de tijd dat het klimaat en de ecologische discussie begon te spelen. De ingenieurs van Bouman ontwikkelden samen met de regionale afvalverwerker Twence een installatie waarbij uit het afvoergas van de afvalverbrander, CO2 wordt omgezet in natriumbicarbonaat (‘bakpoeder’). Die stof wordt vervolgens weer gebruikt om rookgassen te reinigen.

De installatie werd in 2015 opgeleverd en draait sindsdien op volle toeren. Twence vangt er een deel van de enorme CO2-uitstoot mee af. „Samen hebben we er veel in geïnvesteerd”, zegt Van Wijck, „en het is een groot succes geworden. Twence heeft er de CEWEP Innovation Award voor gekregen. We zijn nu bezig de installatie te vermarkten als zelfstandig product. Er zijn al geïnteresseerde partijen.”

De aantrekkende markt en de nieuwe initiatieven hebben hun gevolgen voor de omzet. Vorig jaar groeide die met bijna 30 procent naar een omzet van zo’n 16 miljoen euro. Voor volgend jaar mikken ze op 20 miljoen.

 

Bijbouwen

De zaken gaan goed dus. En, Bouman gaat bijbouwen. Op het terrein achter het huidige complex komt een extra hal van zo’n 2000 vierkante meter. Het wordt de plek voor wat ‘systems’ heet. De plek waar complete machines worden samengebouwd. De leegkomende ruimte wordt gebruikt voor de afdeling hightechmachining. Op dit moment wordt er nog aan de plannen voor de nieuwbouw gerekend en getekend. Ergens volgend jaar gaat dan de schop de grond in.​

Investeren

De voorspoed is alleen mogelijk dankzij de goed opgeleide medewerkers, zegt de directeur. Veel techneuten uiteraard. Zowel mbo’ers als hbo’ers. Werktuigbouwers, lassers maar ook procestechnologen vormen de kern van het personeelsbestand. „We hebben ook in de slechte tijd geïnvesteerd in onze mensen. En dat betaalt zich nu terug. Moeite met het vinden van stagiaires hebben we niet. Studenten werken graag bij ons en een aantal daarvan blijft hangen. Het interessante van ons bedrijf is dat we zowel in de ‘breedte’ als in de ‘diepte’ actief zijn. Ook voor specialisten hebben we werk. We groeien hard en hebben dus veel mensen nodig. Daar blijven we aan werken.’’